Defilé op Onderlangs maakt emoties los bij veteranen en publiek
,,Het was fantastisch, maar nu ben ik doodmoe'
Door ANDRÉ HORLINGS
(18 september 1994) In de verte daagde een rode gloed. De Onderlangs loopt, van
Mandelabrug naar Rijnhotel, licht omhoog, en daardoor had het publiek langs een groot
deel van de route van het defilé een goede indruk van wat komen zou. De rode baretten
van de veteranen kwamen langzaam dichterbij. En dat was, met alle waardering voor
de rest, hèt moment waarvoor iedereen was gekomen. Met een staande ovatie sprak
het publiek zijn enorme waardering uit voor al die mannen die precies vijftig jaar
geleden ook naar Arnhem kwamen, maar daar stuitten op een veel te sterke
tegenstand.
'We remember. Thanks!', stond op een spandoek van een huis aan de splitsing van
Onderlangs en Bovenover. Om daarvan blijk te geven had het publiek zich rijendik
achter de hekken opgesteld; aan de westzijde wellicht met enige ergernis, want veel
stoelen voor genodigden waren leeg gebleven. En tot het allerlaatste moment lieten de
weergoden iedereen volstrekt in het ongewisse of het tussen vijf en zes uur zou
stortregenen of dat de zon zou schijnen. Het bleef nagenoeg droog, met af en toe een
spatje regen.
Een uur voor het begin van het defilé was in het Rijnhotel een wirwar te ontwaren van
uniformen, talen, leeftijden, nationaliteiten, onderscheidingen en baretten. Buiten vond
de formatie plaats van de stoet, die een eerbetoon moest worden voor de soldaten die in
1944 hun leven in de waagschaal stelden in een poging de Brug te bereiken.
Cameraploegen liepen af en aan; journalisten tekenden nog enkele laatste
oorlogsherinneringen op uit de mond van veteranen.
Het defilé werd een waardige voettocht. De organisatoren poogden vanuit het debacle
van vijftig jaar geleden een brug naar de toekomst te slaan. In de volgorde van
deelnemende korpsen en groepen was een link gelegd naar de historie. Voorop de 'Gele
Rijders'; de 11e afdeling der Rijdende Artillerie, die vroeger de Willem I-kazerne in
Arnhem als basis had. Daarna volgden de Brite parachutisten die 's morgens wèl op de
Ginkelse heide afgesprongen waren, en de Poolse, wiens sprong boven Driel was
afgelast vanwege het intussen verslechterde weer. Historische voertuigen gaven een
goede indruk van het legermaterieel waarmee de militairen het in de Tweede
Wereldoorlog moesten doen. De voertuigen waren afkomstig van het
Nederlands-Belgische rijdend museum 'Historical War Wheels'. Bovenop een
vervaarlijke tank zat een Britse milva met een ontwapenende glimlach.
Veteranen in strak gelid
Het publiek, dat urenlang geduldig had staan wachten in soms venijnige regenbuien,
reageerde enthousiast op iedere activiteit. Maar de grootste waardering was voor de
veteranen; eerst rond 1700 Britten, waarvan het merendeel hier precies vijftig jaar
geleden landde, en wat verderop in de stoet een dertigtal Polen met hun grijze baretten,
die het 21 september zo moeilijk kregen in Driel. Iedereen uitte zijn dankbaarheid door
op te staan en de handen blauw te klappen.
De in strak gelid langsmarcherende veteranen, intussen allemaal ruim boven de 70,
reageerden ieder op eigen wijze. Sommigen straalden, anderen blikten vrolijk naar de
mensenmenigte, enkelen keken strak voor zich uit. ,,Ik had het moeilijk, erkende
veteraan T.H. Owen uit Hants na afloop. ,,Er kwamen tranen. Het was heel
emotioneel. Het was fantastisch. Maar nu ben ik doodmoe.''
De ontroering was wederzijds. Langs de kant van de weg konden vooral ouderen hun
emoties niet bedwingen. Een oude vrouw deelde bloemen uit aan de veteranen. Een
bejaarde man probeerde iedereen de hand te drukken. Een klein meisje haalde uit een
mandje kleine cadeautjes voor de vergrijsde soldaten. Maar die onderhielden zo'n
snelheid, dat zij ze nauwelijks bij kon houden. Dat tempo was ook een veteraan met een
stok iets te bar, want hij raakte achter, en verzeilde in een groepje kinderen.
Maar dat was eigenlijk ook de bedoeling. 'De veteranen zullen hand in hand gaan met
de kinderen', zo hadden de organisatoren bedacht, maar de veteranen wilden gaven er
de voorkeur aan als een eenheid langs de menigte te paraderen. Naarmate de voettocht
vorderde ontstond er echter toch een mengeling met het publiek.
De soldaten, die vijftig jaar geleden de bevrijding dachten te brengen, verzamelden zich
na afloop op een afgesloten rijbaan van de Mandelabrug. En daar begon het grote
afscheid, na al die hoogst emotionele herdenkingsdagen, en iedereen besefte dat het
voor het laatst was. Nog jarenlang zullen veteranen Arnhem weten te vinden, maar het
zullen er elke keer minder worden. En nooit zal het welkom zo groots meer zijn. ,,Het
was jammer van de regen'', zei veteraan R. Burns uit Glasgow in Schotland. ,Vijftig jaar
geleden, op 17 september 1944, was het zo'n stralende dag....''