INHOUD:





DEFINITIES

Situatie:

Er is geen definitie voor dit begrip. Wel is het belangrijk te beseffen dat de deelnemers aan het communicatieproces hun eigen, individuele inschatting maken van de situatie.

Voorbeelden zijn:
Een vraag-antwoord patroon tussen de informatievrager en de informatiebemiddelaar;
een doktersbezoek en het eerste afspraakje.

Naar het grondmodel

Deelnemers:

Gespreksvoerders (zender is tegelijkertijd ontvanger)

Naar het grondmodel

Zender:

Verstuurder van een boodschap

Naar het grondmodel

Ontvanger:

Degene die de boodschap ontvangt.

Naar het grondmodel

Boodschap:

Samenhangend stelsel van tekens, signalen en gegevens.

Naar het grondmodel

Ervaring:

Alles wat je in het verleden hebt meegemaakt.

Naar het grondmodel

Kennis:

Alles wat je door ervaring geleerd hebt.

Naar het grondmodel

Inhoudelijk aspect:

De puur feitelijke mededeling van de boodschap.

Naar het grondmodel

Betrekkingsaspect:

Bewuste en onbewuste gevoelens, bedoelingen en machtsverhoudingen tussen de betrokkenen in de relatie.

Bestaat uit de volgende drie aspecten:

  1. Expressieve aspect:
    zegt iets over de zender.
    -deskundig
    -leek
    -betrouwbaar
    -vriendelijk
    -knorrig
    -arrogant

  2. Relationele aspect:
    hoe 'ziet' de zender de ontvanger.
    gelijk <---> ondergeschikt
    intelligent <---> dom
    waarderend <---> geringschattend
    hulpvaardig <---> onverschillig

  3. Appellerende aspect.
    hoe wordt de boodschap overgebracht.
    -bevelend
    -vragend
    -verzoekend
    -informerend
    Het gaat er altijd om: de boodschap uitgevoerd 'te krijgen'.

Naar het grondmodel

Coderen:

De boodschap die jij, als zender, over wilt brengen, moet je omzetten in woorden. Zo maak je de boodschap geschikt om bij de ontvanger informatie op te roepen met een betekenis zoals door de zender is bedoeld.

Naar het grondmodel

Decoderen:

Om de overgebrachte boodschap te begrijpen, moeten de woorden, door de ontvanger omgezet worden in gevoelens en gedachten zoals door de zender is bedoeld.

Naar het grondmodel

Feedback:

Is de reactie op een ontvangen boodschap.

Naar het grondmodel

Lichaamstaal:

  • Onbewust
    Je hebt er geen weet van, je kunt het (ook al zou je willen) níet onder woorden brengen, omdat je niet weet dat je je op een bepaalde manier gedraagt.
  • Bewust
    Je weet dat je je op een bepaalde manier gedraagt. Je kunt die manier (hoe aarzelend ook!) onder woorden brengen.

Naar het grondmodel

Verleden, heden en toekomst:

  • Verleden
    Omvat alles wat je hebt meegemaakt tot je in het heden in een communicatieproces bent verwikkeld.

  • Heden
    Omvat dit proces wat je nu meemaakt.

  • Toekomst
    Alles wat je verwacht of hoopt dat er gaat gebeuren.

Naar het grondmodel

Kanaal:

Er zijn drie soorten kanalen:

  1. Zintuiglijke kanalen
    Zijn kanalen zoals je gezicht, het gehoor, de tast, de geur en de smaak.
  2. Mechanische kanalen
    Dit zijn kanalen zoals een pen en een typmachine.
  3. Elektronische kanalen
    Dit zijn kanalen zoals radio, telefoon of een computer.

Naar het grondmodel

Ruis:

Tijdens het overbrengen van een boodschap kan er weleens iets mis gaan, dit kan komen doordat er iets niet goed is met de kanalen.
Bij een zintuiglijk kanaal kan het zijn dat de ontvanger bijvoorbeeld een stoornis in het gehoor heeft en de boodschap niet goed ontvangen wordt.
Bij een elektronisch kanaal kan het liggen aan een krakende telefoonlijn, waardoor de zender en de ontvanger elkaar niet goed kunnen verstaan.
En bij mechanisch kanaal kan de oorzaak van de ruis liggen bij een onduidelijk handschrift van de zender.

Naar het grondmodel


Daan Aanstoot, Rahid Abdoelrazak, Dorine Akerboom, Simone Alewijnse, Derk-Jan Feil, Jacoline Hassing, Linda van Klaveren en Martine Terluin

This page is hosted by: . Get your own Free Home Page.

1